open brief aan de heren De Gucht en Di Rupo

SCHIZOFREEN ALS SCHELDWOORD

Eerst de feiten: PS-voorzitter Elio Di Rupo heeft zwaar uitgehaald naar zijn VLD-collega Karel De Gucht. Die verklaarde vorige week dat de begroting structureel onhoudbaar is. Di Rupo reageerde daarop tijdens de persconferentie waar hij zijn nieuwe ondervoorzitster voorstelde met: "Hij heeft mee onderhandeld en moet daaruit zijn besluiten trekken. Als hij daar nu van afstapt, is dat schizofreen." De Gucht beweerde ook dat de uitgaven voor gezondheidszorgen te snel stijgen en dat er te veel artsen zijn in WalloniŽ. Di Rupo reageert hierop genuanceerder. Als er misbruiken zijn, moeten die onderzocht worden. De Gucht zou daarop geantwoord hebben (zo meldde men in het persoverzicht op de radio) dat Di Rupo zelf zot is.

Het gaat hier nu even niet om de uitgaven voor de gezondheidszorg hoewel daar in het kader van de geestelijke gezondheid van de Belgische bevolking wel een en ander over te vertellen zou zijn. Het gaat hier om de taal die door deze heren van stand gebruikt wordt. Ze gebruiken de woorden 'schizofreen' en 'zot' om elkaar uit te maken en te kleineren. Los van het feit dat ze daarmee hun kleine kantjes laten zien, demonstreren ze een schrijnend gebrek aan kennis over geestesziekten en een pijnlijk gebrek aan respect voor mensen die psychisch ziek zijn of aan schizofrenie lijden.

De Gucht zou, volgens Di Rupo, schizofreen zijn omdat hij nu eens dat zegt en wat later iets anders denkt of zegt. (Overigens zou volgens deze definitie een groot deel van de politieke kaste onder deze noemer kunnen worden ondergebracht.) De diagnose van Di Rupo luidt dat iemand met twee meningen of persoonlijkheden in ťťn lichaam schizofreen is. In de psychiatrie heet dat echter een "meervoudige persoonlijkheidsstoornis' en dat is heel wat anders.

Mensen met schizofrenie hebben helemaal geen gespleten persoonlijkheid. De kloof zit tussen de schizofrene patiŽnt en de rest van de wereld. Zij beleven de wereld op een eigen manier en worstelen met zichzelf, soms begeleid door waanbeelden en hallucinaties, verstoken van het gewone zelfgevoel van andere mensen. Het is een ziekte die in ernstige gevallen tot depressie en suÔcide kan leiden en in alle gevallen een zware belasting vormt voor de patiŽnten en hun familieleden.

Een niet onaanzienlijk deel van de bevolking (ieders kans is 1 op 100) gaat er onder gebukt, daarenboven nog extra bezwaard door het stigma dat aan geestesziekte in het algemeen en schizofrenie in het bijzonder kleeft. Wie 'zot' is, is gevaarlijk, misdadig, dom of lui, en heeft het aan zichzelf te danken (of aan de opvoeding van de ouders). Dat zijn stuk voor stuk gevaarlijke misverstanden. Psychiatrische of geestelijke hulp zoeken is daardoor nog steeds bekleed met huizenhoge taboes waardoor mensen te laat te weinig hulp vinden. Mensen met een psychische aandoening zijn verder mensen zoals u en ik, zoals Karel en Elio, die moedig en in stilte (want ze krijgen weinig begrip of steun) hun ziekte dragen.

Di Gucht en De Rupo staan niet alleen met hun misplaatst taalgebruik. Te pas en te onpas hoor je uitspraken zoals "we leven in een schizofrene samenleving" of "de man bevond zich in een schizofrene situatie". Zelfs architectuur of een schilderij kan schizofreen zijn. Alles wat ook maar twee of meer kanten heeft wordt als schizofreen bestempeld. Dat versterkt elke keer opnieuw een verkeerd beeld van een echte hersenziekte die in de realiteit anders is. Als het bovendien ook nog als scheldwoord wordt aangewend, versterkt dat nog maar eens het stigma dat deze en andere psychiatrische stoornissen bezwaard.

Het is merkwaardig dat het woord schizofreen voor dit verkeerde metaforische gebruik lijkt uitverkoren te zijn. Op een slordig gebruik van de medische urgentie-term 'shock' na (een levensbedreigende toestand bij overmatig bloedverlies en zeker niet iemand die emotioneel aangeslagen is), is dit soort misplaatste diagnostiek heel zeldzaam, of het moest een 'angstpsychose' zijn (die niet bestaat behalve in de pseudopsychiatrie). Men scheldt elkaar niet uit voor diabeet of seropositivo. Niemand haalt het in zijn of haar hoofd om een oudere collega Alzheimertje te noemen. Opvallend ook dat zoveel in oorsprong psychiatrische termen nog haast uitsluitend als scheldwoord gebruikt worden: hysterisch, imbeciel, idioot of randdebiel. Het is misschien een combinatie van onwetendheid en een gebrek aan inspiratie die mensen naar het woord schizofreen doet grijpen.

Niettemin. Daarom willen we toch dit ogenschijnlijk banale burentwistje en een woord van amper tien letters aangrijpen om stil te staan bij de woordkeuze van de partijboegbeelden en maatschappelijke voorbeelden, Karel De Gucht en Elio Di Rupo. Besef, heren, dat je hiermee niet zozeer elkaar beledigt, maar vooral de vele mensen die aan deze ernstige ziekte lijden. Mogen jullie, en alle anderen die publiek het woord voeren, van politici tot journalisten, en van tooghangers tot kunstcritici, in het vervolg twee keer nadenken voor ze een woord als 'schizofreen' onnadenkend in de mond nemen.

terug naar de artikelslijst >>